Overslaan en naar de inhoud gaan

Terugblik ICTU Grand Café 'Big Data en ethiek', 27 september 2016

Het ICTU Grand Café 'Big Data & ethiek'.

Transcript Big Data & ethiek

Goedemiddag allemaal. Wat een prachtige opkomst. In deze schitterende omgeving van het Spaansche Hof. André Regtop, algemeen directeur van ICTU. En het is mij een genoegen om jullie allemaal hier zo te zien.

Ik ga proberen om vandaag een aantal lijnen te trekken naar een breder perspectief naar big data binnen de context van de overheid. Dan beginnen we toch eerst maar met iets van een definitie.

Big data komt voornamelijk vanuit het commerciële domein. Dat is al gememoreerd.
Er wordt veel over gesproken. Er is geen eenduidige definitie. Sterker: er zijn bakken met definities als je er naar op zoek gaat. Eén van de bekendste is wel die van Lani die de drie V's gebruikt. Dus volume, variety en velocity.

Volume: dan gaat het dus om echt grote aantallen data: terabytes, zetabytes. Dat is echt van een andere orde dan we meestal gewend zijn om mee te werken. Variety betekent eigenlijk variëteit in de soort data die je hebt. Het betekent dat je in één analyse data kunt gebruiken die tekst-gebaseerd is, die beeld-gebaseerd is, die geluidgeblaseerd is. Dat je dat eigenlijk in één analyse met elkaar kunt verenigen. En de laatste is velocity en velocity is gewoon snelheid. Dus dan is eigenlijk de vraag: kun je het gebruiken niet alleen om terug te kijken maar ook nu, dus gewoon nowcasting. Dus het is ook gewoon de vraag van: kunnen we de mythe en de hype scheiden van wat daar onderdoor loopt. De mythe is aangejaagd door boeken als dit: Big data a Revolution that will transform how we live, work and think. Dat heeft natuurlijk een stevig wervend karakter. Dat zal op een gegeven moment wegebben, maar we blijven het houden over een aantal zaken. Een paar daarvan vind ik wel belangrijk om nu even heel kort aan te stippen. Het idee van big data is gebaseerd op het idee dat correlaties boven causaliteit gaan. Dus de klassieke wetenschappelijke methode dat je een bepaald idee hebt over hoe de wereld in elkaar zit en je formuleert een hypothese. En vervolgens ga je kijken: werkt het ook echt zo? Het idee van big data is omgekeerd. Je begint met een hele grote dataset zo groot mogelijk graag. Je gaat daarop dataminen en je vindt verschillende correlaties. Je vindt onverwachte correlaties en vraagt je af: wat is dit, hoe zit dit? Causaliteit is daarbij niet gegeven, die kun je erbij verzinnen of verder onderzoeken. Maar het is geen gegeven. Je zoekt naar correlaties. Wat hangt met elkaar samen?
En bij de WRR hebben we op een gegeven moment gezegd: Wij zagen er niet zoveel in om, gegeven de nieuwe Europese wetgeving die eraan komt nog een duit in het zakje te doen op het punt van de verzameling van data. Daar ligt veel. Daar liggen ook een aantal knots van problemen te wachten in ze zin van hoe rijmen we het allemaal met elkaar. Maar dat kader staat eigenlijk wel.
We hadden gezegd: Als we iets zeggen over hoe we fundamentele rechten kunnen waarborgen tegen de achtergrond van een overheid die toch aan het verkennen is, waar kan die data ons helpen met de taak waar we voor staan, dan moeten we het eigenlijk
zoeken in de fase van analyse en de fase van het gebruik. Daar moeten we kijken. En een soort onderliggend idee dat daar bij zit en dat zit ook al in e-overheid, is dat we toch toe moeten naar een systeem waarbij de gegevensverwerkende partij eigenlijk veel meer probleemeigenaar moet worden van de problemen die de buitenwereld, lees: de burger, veroorzaken.

Zoals gezegd, ik heb net een boek geschreven samen met een collega, Maurits Martijn, en dat heet: Jij hebt wel iets te verbergen. Dat ligt sinds een week of drie in de winkels en daarin proberen we aan te tonen en te onderzoeken wat het belang is van privacy. En we proberen het daarom ook vanuit die hoek aan te vliegen. We hebben het hier wel over big data en dat soort dingen, maar de werkelijkheid is anders. De werkelijkheid is, volgens mij, vooral nog een data-spaghetti waar we in leven. Het probleem bij privacy, daar gaan dit soort discussies vaak over, is dat die discussie veel te beperkt is. Het gaat vaak alleen nog maar over wat we verzamelen en wat we mogen verzamelen. Maar wat we vaak vergeten is dat die informatie ook gebruikt wordt. En gebruikt wordt om allerlei beslissingen te nemen. En dan kom je in een keer op hele andere issues die we niet als privacy-issues herkennen. Het verzamelen en het gebruik van data leidt tot due-process-problemen, zorgvuldigheidsproblemen wat we bijvoorbeeld met Dolmatov hebben gezien.

Er is ook een oplossing beloofd. Ik ga jullie meteen teleurstellen, want ik denk dat de oplossing niet bestaat. Dat is ook een van de kernpunten van ons boek. We zien privacy en gebruik van data als een individueel probleem. Maar al die grote collectieve problemen hangen er aan vast. Dus wij zijn van mening dat privacy niet alleen een individueel probleem is, maar een collectief probleem dat ook een collectieve oplossing vergt. Alleen dat is gewoon heel erg ingewikkeld. Dan zit je op allerlei niveaus te werken.

Maar ik wil een paar technische oplossingen kort benoemen. Het zijn echt richtingen. Pin me er niet op vast. Maar het zijn ideeën om aan te denken en het gaat mij vooral om de principes die eronder liggen die interessant zijn. En die zijn er op gericht om die datastromen, waar dit praatje mee begon, om daar wat meer controle op te houden.

Ik wil u graag drie praktische tips meegeven, waarmee u wellicht morgen aan de slag kunt in uw organisatie. En mijn eerste tip is: Geef voldoende aandacht aan databeleid. Het is een beetje de paraplutip voor ook de andere twee. En misschien een open deur, maar ik zie dat veel organisaties een databeleid hebben dat bijvoorbeeld niet actueel is. Of wat niet voldoende omvangrijk is. Het is echt ook iets anders dan datamanagement. Data is kapitaal, organisatiekapitaal, en het verdient de hoogste aandacht. Data is ‘chefsache’.
De meesten van ons hebben al iets van databeleid gaf ik net aan. In ieder geval iets op beveiliging en toegang. Maar daar moet veel meer bij. Er zijn veel meer aspecten die spelen bij databeleid. Doe ook uw voordeel met de aanbevelingen van bijvoorbeeld de WRR, die zo in databeleid terecht kunnen. Maar ook organisaties als Gartner en TNO hebben fantastische adviezen geschreven voor de Nederlandse overheid. Tweede punt, naast databeleid, is: betrek de burger en eindgebruiker. Vooral daar waar het
gaat om toepassingen van slimme datatechnologieën aan de dienstverleningskant. Zorg dat je goed invulling geeft aan de customer experience, service-design. Zorg dat burgers ergens terecht komen als profielen of algoritmes falen. En als er foute beslissingen genomen worden. Zorg dat we meten wat er gebeurt. Bijvoorbeeld op de websites van de overheid en zorg dat we verbeteren.
Ook in de commerciële sector zie je dat succesvolle, dienstverlenende bedrijven geen bedrijven zijn die nooit falen, maar het zijn bedrijven die snel leren en kunnen verbeteren.
Derde punt dat ik u mee wil geven is: motiveer en faciliteer de kennisdeling tussen dataexperts. Dataprofessionals zijn schaars, zowel binnen als buiten de overheid. En het zou zonde zijn als we op diverse plekken, inderdaad soms in de schaduw van de overheid, het wiel opnieuw uitvinden.

Dit ICTU Grand Café vond plaats op 27 september 2016. Op 28 september vond een verdiepingsdag plaats over gebruik van data en innovatieve toepassingen in het kader van het verkennen van ‘De digitale overheid van de Toekomst’. Voor meer informatie over beide bijeenkomsten zie elders op deze website.

Dilemma’s, risico’s en kansen van Big Data voor de overheid

Big Data. Vrijwel iedereen heeft het er over. Maar wat verstaan we er onder en wat mogen we ermee? En wat kan de overheid leren van de stappen die in het bedrijfsleven al worden gemaakt als het gaat om Big Data? Tijdens het ICTU Grand Café over het thema ‘Big Data en ethiek’ wordt duidelijk dat er nog veel dilemma’s, risico’s, maar óók kansen zijn.

Dennis Broeders

Is Big Data meer dan een hype of een mythe? Dennis Broeders, werkzaam bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en de EUR, is een van de auteurs van het rapport ‘Big Data in een vrije en veilige samenleving’. Hij voorspelt dat, ook als over een aantal jaar er minder over het onderwerp zal worden gepraat, gebruik van Big Data niet meer weg te denken zal zijn.
Een van de uitkomsten van het WRR-rapport is dat Big Data nog niet echt wordt gebruikt binnen het dienstverleningsdomein. Toch gelooft Broeders dat er de komende jaren op dat terrein veel gaat gebeuren. Hij voorziet een aantal trends en zou graag zien dat daarover het gesprek wordt gevoerd. “Zo gaan we veel meer data gebruiken. Daarnaast zullen er steeds vaker private en publieke data worden gecombineerd en gaan we meer datagedreven werken. En als je meer data gebruikt, zul je een tussenlaag moeten creëren die een deel van de analyses voor je doet. Dat betekent dat het gebruik van algoritmes sterk zal groeien.”

Broeders gelooft absoluut dat Big Data kansen heeft voor de overheid, ondanks de grote verschillen die er wat dat betreft zijn met het bedrijfsleven. “Het gebruik van grote datasets kan ervoor zorgen dat we hetzelfde beter, sneller en efficiënter doen. We kunnen betere dienstverlening organiseren, fraude tegengaan, meer veiligheid bieden. Grotere datasets kunnen ook zorgen voor een betere overheid en beter toegeruste burgers. Bijvoorbeeld bij het aangifte doen van belastingen. De grote belofte van Big Data is dat je een voorschot kunt nemen op de toekomst, het is voorspellend. Dat betekent iets voor de manier hoe de overheid omgaat met mensen. Als overheid moet je goed nadenken hoe je dat wil.”

Naast kansen zijn er ook risico’s bij het gebruik van Big Data. Wat Broeders betreft zitten die met name aan de controlekant (Big Brother). Ook privacyschending is een vraagstuk, waarbij het ook gaat om collectieve schending. Op sommige ontwikkelingen heb je als individu niet zoveel grip. Dat doet iets met mensen. Als je dat ver zou doortrekken ontstaan er zogenoemde chilling effects, waarbij mensen het idee kunnen hebben dat er voortdurend over hun schouder mee wordt gekeken.
De praktijk leert dat het gebruik van Big Data verschillende dilemma’s oproept, waarbij met name de vraag opborrelt wat (nog) aanvaardbaar is. Zo is de Deense overheid bereid om ruim één miljoen euro te betalen voor informatie die afkomstig is uit de Panama Papers, informatie die op illegale wijze is verkregen. Het is een van de voorbeelden die aangeeft dat er op het gebied van Big Data nog de nodige vraagtekens bestaan, op het gebied van wetgeving, verzameling, analyse, gebruik en toezicht.

Dimitri Tokmetzis

Waar Broeders het onderwerp Big Data met name beschreef vanuit de overheid en het bedrijfsleven, doet Dimitri Tokmetzis dat vanuit het perspectief van de burger. Tokmetzis is werkzaam bij De Correspondent en medeauteur van het boek ‘Je hebt wél iets te verbergen’.

Tokmetzis haalt een aantal voorbeelden aan, waarbij hij laat zien dat er met Big Data veel kan, maar dat er ook nog wel het nodige aan schort bij het verzamelen van en vertrouwen op data.

Discussies over data gaan vaak over privacy (“over wat we mogen verzamelen”), maar volgens Tokmetzis wordt te vaak vergeten dat de informatie ook gewoon gebruikt wordt om allerlei beslissingen te nemen. Dan gaat het niet meer alleen om privacy, maar ook om zorgvuldigheid. De Dolmatov-zaak was daar een voorbeeld van, maar ook mensen die een PGB of een ‘rugzakje’ mislopen omdat er in een of ander systeem fouten worden gemaakt. Het gaat ook over gelijkheid. Zo werd een inwoner uit Amsterdam bij een reis naar de Verenigde Staten verschillende malen staande gehouden omdat het IP-adres van zijn computer (nog) geregistreerd stond als een Jordaanse internetaansluiting, en daardoor voor de Amerikanen meteen als verdacht werd aangemerkt.
Volgens Dimitri Tokmetzis is privacy een collectief probleem dat ook een collectieve oplossing vereist. In dat kader hield hij met name een pleidooi voor het beter leren beheersen van datastromen (bijvoorbeeld door middel van blockchain technologie) en key management (waarbij de burger zeggenschap heeft over zijn eigen data en organisaties alleen de informatie krijgen te zien die op dat moment van toepassing is). Daarnaast doet Tokmetzis enkele suggesties met betrekking tot data en privacy. “Zorg dat de Autoriteit Persoonsgegevens wordt uitgebreid, stel een Constitutioneel Hof in en benoem een minister van privacy of persoonsgegevens.”

Tips voor overheden rond gebruik van data

François Vis, manager Advies bij ICTU, geeft nog enkele praktische tips als het gaat om gebruik van data binnen de overheid. Als eerste noemt Vis: geef voldoende aandacht aan databaleid. Data is belangrijk kapitaal, ook bij de overheid, en het verdient de hoogste aandacht. Zowel de WRR maar ook andere organisaties zoals TNO of Gartner hebben al nuttige informatie verzameld waar overheden gebruik van kunnen maken bij het inrichten van hun databeleid.
Een tweede tip gaat over het belang van het betrekken van de burger en de eindgebruiker: het is cruciaal om goed invulling te geven aan opvolging van digitale dienstverlening. Zorg dat eventuele fouten als gevolg van algoritmes snel worden hersteld. Kijk goed naar ervaringen vanuit customer (en citizens) experience. En tot slot: motiveer en faciliteer kennisuitwisseling tussen data experts. Laten we vooral kennis bundelen daar waar dat kan.

Download hier de presentatie van Dennis Broeders.(PDF, 3.453 Kb).
Download hier de presentatie van Dimitri Tokmetzis. (PDF, 517 Kb).

Tijdens de afsluitende bijeenkomst op 28 september werd de oproep om kennis te delen over data herhaald. Maljers, directeur Advies bij ICTU, lanceerde het initiatief tot een kennisplatform big data. Zie het nieuwsbericht elders op de website.

Eerder publiceerde ICTU een artikel over het belang van data governance, zie het artikel 'De datagedreven overheid'. Ook verscheen in het iBestuur magazine (oktober 2016) een artikel over dit onderwerp.

Op 28 september vond een workshop plaats over data governance, zie de pagina met het overzicht van workshops.