Triple A: open onderwijsproject met meerdere ‘tentakels’

Bestaande systemen die gebaseerd waren op verouderde technologie, en niet geschikt waren voor het veranderende onderwijs. En bovendien gesloten en complex waren. Zie daar een paar van de ‘ingrediënten’ die in het voorjaar van 2007 leidden tot de start van Triple A, een project dat inmiddels een onderdeel is geworden van saMBO~ICT. Wat destijds begon als een initiatief van drie ROC’s, is inmiddels uitgegroeid tot een project met meerdere ‘tentakels’ waarbij een voorname rol is weggelegd voor open source software en met name voor open standaarden.

Een van de meest turbulente sectoren is sinds jaar en dag het onderwijs. Veranderingen, in alle geledingen, zijn er bijna aan de orde van de dag. Neem het mbo, waar het vandaag de dag vooral draait om competentiegericht onderwijs. Deze vorm van onderwijs moet er onder meer voor zorgen dat er een betere aansluiting komt tussen mbo-opleidingen en de arbeidsmarkt, en moet jongeren betere mogelijkheden bieden om door te stromen van het mbo naar het hbo. Het ligt in de planning dat vanaf 1 augustus 2011 alle eerstejaarsstudenten in het mbo opgeleid worden op basis van de competentiegerichte kwalificatie-eisen. Een van de instellingen die te maken heeft met competentiegericht onderwijs, is ROC Aventus, een regionaal opleidingscentrum in de driehoek Apeldoorn, Deventer en Zutphen. Met ruim tweehonderd beroepsopleidingen, circa 15.000 studenten en ruim 1200 medewerkers is het de grootste onderwijsaanbieder in de regio.

‘Bollenplaat’


Jacob Hop is een van de mensen die vanaf de start (1999) betrokken is geweest bij het wel en wee van Aventus. “Het is mijn rol om mee te denken over processen”, aldus Hop, die sinds circa dertig jaar zijn brood verdient in de onderwijswereld. “Nadenken over bijvoorbeeld informatiesystemen. Zo zijn we bij de start van Aventus een leerlingenregistratiesysteem gaan gebruiken, maar al relatief snel kwamen we er achter dat het niet was wat we zochten en wilden. Dat heeft ook te maken met de vele verschillende vormen van onderwijs binnen een ROC. Al die vormen werden door het registratiesysteem slecht ondersteund, zo vonden wij. Bovendien waren we niet echt tevreden over de achterhaalde interface en de leverancier die onvoldoende rekbaar bleek ten aanzien van vernieuwingen en investeringen van de software.”

Ondanks de onvrede over het gebruikte systeem, zou het nog tot het voorjaar van 2007 duren voordat er enige verandering in de situatie kwam. “In die periode raakten de voorzitters van het College van Bestuur van drie ROC’s (Albeda College, Amarantis Onderwijsgroep en Aventus) tijdens een congres in de Verenigde Staten met elkaar aan de praat, en tijdens dat gesprek werd de intentie uitgesproken met elkaar te gaan samenwerken om zich voor te bereiden op de ontwikkelingen in het onderwijs. Het gesprek werd ook benut om de gezamenlijke mening over de slecht werkende leerlingenregistratiesystemen te ventileren. Vervolgens zijn vertegenwoordigers van de drie ROC’s met elkaar een aantal dagen het bos bij Soestduinen ingedoken, waarbij we onder meer na zijn gaan denken over de vraag van wat er nu eigenlijk speelt op een ROC. Welk onderwijs hebben we in huis, en welke processen moeten daarbij ondersteund worden? Dat hebben we benoemd in een procesplaat, de zogenaamde ‘Bollenplaat’. Die plaat heeft feitelijk aan de basis gestaan van Triple A.”

Onderwijsprocesmodel


De sessie in Soestduinen werd ook bijgewoond door Bas Kruiswijk, sinds circa acht jaar verbonden als adviseur ICT-strategie en -architectuur aan Twynstra Gudde. Kruiswijk deed in het voorjaar van 2007 een opdracht voor het Albeda College (een ROC in Rotterdam en omgeving) en raakte zo eigenlijk vanaf de eerste dag bij het Triple A-initiatief betrokken. De bossessie heeft een en ander duidelijk gemaakt, zo heeft Kruiswijk ervaren: “Na de eerste dag bleek dat de drie scholen erg verschillend waren, maar wel eenzelfde visie hadden op de processen die het onderwijs van de toekomst ondersteunen. Dit onderwijsprocesmodel, of ‘bollenplaat’, was een goede basis om gezamenlijk door te gaan. In eerste instantie met de intentie om een nieuw Kern Registratiessysteem Deelnemer (KRD) op te zetten. Er is gezegd: wij zetten in de bollenplaat een hekje om het onderdeel kernregistratiedeelnemersgegevens. Dat gaan we met elkaar verder uitwerken tot een programma van eisen en we gaan de markt vragen om een systeem te leveren dat deze processen kan ondersteunen.”

Aanvullend zegt Jacob Hop: “Sowieso was het natuurlijk wel spannend óf er een markt was.” Die was er, zo bleek al snel. “Als één ding in de afgelopen jaren erg duidelijk is geworden, dan is het wel dat commerciële partijen duidelijk zaten te wachten op wat wij toen hebben bedacht”, aldus Hop, die al snel daarna het aantal bij Triple A aangehaakte onderwijsinstellingen zag stijgen naar acht. Bas Kruiswijk zegt daarover: “Toen het moment kwam dat een programma van eisen moest worden samengesteld voor een KRD dat vervolgens in de markt kon worden gezet, is bedacht dat we eigenlijk een vehikel nodig zouden hebben om dat aan te besteden. In dat kader is door de acht onderwijsinstellingen (de drie initiatiefnemers plus het vijftal aanhakers, FdJ) Stichting Triple A opgericht. Vervolgens is gezegd: het zou mooi zijn als er andere scholen mee willen aanbesteden, wat heeft geresulteerd in nog vijf scholen die serieuze belangstelling hadden om aan te haken. Van die vijf partijen zijn vier uiteindelijk ingestapt, waardoor we een groep van 12 scholen (de acht oprichters van de stichting plus de vier ‘nieuwe’ aanhakers, FdJ) hadden die het aanbestedingstraject in zijn gegaan voor een nieuw kernregistratiesysteem.”

Open standaarden en open source software


Al in een vrij vroeg stadium van het beschreven traject over het kernregistratiesysteem is nagedacht over het gebruik van open standaarden en open source software, zo laat Jacob Hop weten. “Op het moment dat wij met de drie initiatiefnemers het programma van eisen voor het systeem opstelden, werd er ook gesproken over open standaarden en open source software.” Volgens Hop had de keus voor ‘open’ te maken met een aantal zaken. “Ontegenzeggelijk met de geslotenheid van de systemen die we destijds gebruikten. Uitwisseling van gegevens, en met name naar die systemen toe, was vrijwel onmogelijk en kostte ons veel geld en leidde tot een groot aantal kunstgrepen. Een andere reden lag in het feit dat we als instellingen meer met elkaar wilden samenwerken. Dat kan alleen maar als de uitwisseling van gegevens gebeurt door middel van goeie standaarden. Daarnaast bestaat de kans dat we een keer willen uitbreiden met het pakket, en misschien wel met behulp van andere leveranciers, en dan moet je zorgen dat zij op softwareniveau met elkaar kunnen ‘praten’. Wat ons betreft hebben open standaarden en open source software daar een grotere potentie dan gesloten formaten”, aldus Hop die, net als Kruiswijk, ook betrokken was bij de subsidieaanvraag richting het ministerie van OCW. Dat was in verband met het verder uitwerken van de ‘Bollenplaat’, de basis van het Triple A-project.

Kruiswijk: “Wij merkten dat vanuit het onderwijsveld grote behoefte was aan zoiets als een onderwijsprocesmodel dat als referentiekader kan dienen. Het heeft er toe geleid dat Stichting Triple A bij het ministerie van OCW subsidie heeft aangevraagd, met als belangrijkste doelstelling het uitwerken van het onderwijsprocesmodel tot een functioneel ontwerp voor ondersteunende ICT-systemen. De aanvraag (‘Ontwerp en Ontwikkeling ICT-voorzieningen Ondersteuning Onderwijsprocessen’) is door het ministerie gehonoreerd, maar wel onder voorwaarde dat de uitkomst beschikbaar zou komen en participatie zou toelaten vanuit de gehele onderwijssector. Uiteindelijk zijn er 16 ROC’s geweest die een bijdrage hebben geleverd, en daarnaast is er nog een groot aantal mensen uit het veld geweest die mee heeft gewerkt en gedacht.”

Encyclopedie


Eind december 2009 is het subsidietraject van het ministerie van OCW, het publieke deel van Triple A, afgerond. Dat traject heeft onder meer de ‘Encyclopedie van functionele ontwerpen’ opgeleverd, een onder een Creative Commons-licentie verspreid ‘kennisdocument van 770 pagina’s dat een referentiekader voor ROC’s en AOC’s vormt die hun onderwijsprocessen en ICT-systemen willen aanpassen aan de eisen van competentiegericht onderwijs’. Ook wat betreft het kernregistratiesysteem zijn er de afgelopen maanden grote slagen gemaakt. “Het kernregistratiesysteem (KRD ) wordt naar alle waarschijnlijkheid binnen de aanbesteding geaccepteerd, en dat betekent dat de bouw binnen de aanbesteding klaar is”, aldus Jacob Hop. “Bijna alle 12 ROC’s hebben een begin gemaakt met de implementatie, en het is de bedoeling dat eind 2010 alle aangehaakte instellingen live zijn met het systeem.” Vooralsnog zal het kernregistratiesysteem alleen geëxploiteerd en geleverd worden door Educus, het consortium van Stoas Learning en Topicus dat eind 2008 de Europese aanbesteding naar zich toe wist te trekken.

Bas Kruiswijk laat weten dat, wat hem betreft, ook andere partijen de software kunnen gaan aanbieden. “Je kunt het downloaden en bijvoorbeeld laten exploiteren door je eigen IT-leverancier”, aldus Kruiswijk. “Daarbij is de software zelf niet zo belangrijk, maar wel de dienstverlening rondom de software.” Kruiswijk kan zich voorstellen dat niet alle scholen die aan zullen haken bij Triple A, zich even druk maken over open source software. “Er zullen ongetwijfeld scholen aanhaken die het open gedachtegoed wel omarmen, maar misschien nog lang zo ver nog niet zijn om het systeem van Educus of een vergelijkbare aanbieder, te gaan gebruiken. Wat betreft open standaarden is het, als het aan mij ligt, een minder vrijblijvende keus. Wij hebben een lijst met zestig standaarden geïdentificeerd waarvan wij vinden dat je die zou moeten toepassen wil je je systeem optimaal en flexibel kunnen gebruiken. Dat moet gezien worden als een sterk advies aan de onderwijssector, en is wat ons betreft dan ook redelijk leidend.”

Community


Om een volwaardige vorm van continuïteit te waarborgen rondom het Triple A-project, wordt hard gewerkt aan de totstandkoming van een community. Kruiswijk daarover:“Zeker als het gaat om open source software, zul je iets moeten doen met de producten die je oplevert. Bijvoorbeeld met de Encyclopedie. We zitten middenin het proces om te bedenken hoe die community er uit moet gaan zien, en dat is nog best een lastige opgaaf. We hebben nu een soort van concept bedacht waarbij een aantal producten (zoals de Encyclopedie en een kluitje open source software) in de community een plaats krijgt, en waarbij instellingen uit het veld deelnemen en het gedachtegoed omarmen. Zij zullen relaties moeten onderhouden met leveranciers van open source software, zoals Educus. Die leveranciers moeten beschouwd worden als een soort van satellieten rondom de community, waarbij de geproduceerde software van die satellieten beschikbaar wordt gesteld aan de community.”

Bas Kruiswijk ziet, naast het formeren van een stevige community rondom het Triple A-project, ook een belangrijke rol weggelegd voor de Onderwijscatalogus. “Onze gedachte is dat scholen een centrale administratie van al hun onderwijs moeten hebben wat gekoppeld is aan een centrale motor in de ICT. Al het onderwijs dat aangeboden wordt door een ROC of AOC, staat daar in. Dat is een stukje software dat nu in het kernregistratiesysteem zit, maar dat eigenlijk een zelfstandige voorziening moet zijn die met verschillende systemen kan samenwerken. Momenteel zijn we daar met Educus over aan het praten. Het heeft als groot voordeel dat we dan straks tegen elke leverancier kunnen zeggen: hier heb je een stuk software dat je als kloppend hart van je product kunt integreren. Zo kunnen scholen verschillende producten, van verschillende leveranciers gebruiken die allemaal gebruikmaken van die ene open sourcetoepassing voor de onderwijscatalogus. Dat uitgerekend dat ding open source is, het kloppend hart van vrijwel alle onderwijsinstellingen, is natuurlijk veel belangrijker dan dat het KRD open source is.”

    Tekst: frits.jong@noiv.nl (Frits de Jong – NOiV)

Service

Help